Selecteer een pagina

We hebben allemaal wel eens gevist. Samen met je vader naar de dichtstbijzijnde sloot, je broodje in een boterhamzakje en je hengel in je hand. Wachtend tot je dobber onderging en dan op het juiste moment je hengel omhoog halen. Totdat je er vervolgens achter kwam dat de vis je te slim af was en je opnieuw moest beginnen. Later was jij de vis te slim af en had je hem gevangen, wat een kick gaf dat! In deze blog krijg je 3 tips hoe je ervoor kunt zorgen dat je ook vis op zee kunt vangen.

Maak niet te veel geluid

Het klinkt misschien raar, maar ook vissen kunnen horen. Niet op de manier zoals wij mensen dat doen, maar vissen maken gebruik van geluidsgolven. Vissen vangen dit geluid op met hun zwemblaas. Je kunt het vergelijken met de muziek die je in de discotheek hoort. Wanneer de muziek heel hard staat, dan voel je dit ook in je lichaam. Vissen hebben dit ook. Wanneer je dus te veel geluid maakt zul je de vissen afschrikken. 

Let op de dikte van je draad

De dikte van je draad kan invloed hebben op het aantal vissen dat je vangt. Hoe dikker je draad is, hoe groter de kans is dat je draad wordt meegenomen door de stroming. Daarnaast is het met een dunnere lijn makkelijker om je lijn verder uit te werpen. Kun je je lijn verder uitwerpen, dan is uiteraard je bereik groter. Dit betekent dat je ook de vissen kunt vangen die verder weg zwemmen. Vergroot je bereik en je vergroot de kans op meer vis. 

Gebruik genoeg pieren

Vissen laten zich niet zomaar vangen en moeten gelokt worden. Dit kun je doen met pieren. Pieren is een ander woord voor het aas dat je aan je haak doet. Als je grote vissen wilt vangen, dan zul je genoeg pieren moeten gebruiken. Aangeraden wordt om ongeveer 4 of 5 pieren aan één haak te doen. Als je gaat zeevissen, dan zijn de vissen vaak wat groter waardoor ze moeilijker te vangen zijn en dus behoefte hebben aan meer eten. 

Pin It on Pinterest